Klik op de foto's voor een vergroting.
Wijnkennis voor starters: Tannat, de tanninerijke
Tannat is nu niet wat je noemt een ‘zomers' druivenras. Maar wel een om eens een wijn van te proberen in najaar of winter. En al roept de naam tannat (terechte) associaties op met tannine, de meest verfijnde wijnen ervan laten zich wel drinken als grote rode Bordeaux.
Tannat is voor alles de druif van Madiran in de streek Gascogne, in het diepe Franse Zuidwesten. Die Sud-Ouest is sowieso een schatkamer vol excentrieke en mateloos intrigerende druivenrassen die je elders in de wereld niet of nauwelijks tegenkomt.
Buiten het Franse Zuidwesten geniet de tannat eigenlijk alleen in Uruguay grote populariteit. Hij is daar eind 19e eeuw mee naar toe genomen door immigranten en is er tegenwoordig zelfs de ‘nationale' druif! De wijn smaakt er in de regel een stuk zachter dan in zijn land van herkomst.
Een van de voornaamste kenmerken van tannat is een grote hoeveelheid tannine. Vandaar dat volledige rijping en zo laat mogelijk plukken essentieel zijn, evenals een beperkte opbrengst om die rijping te ondersteunen. Grote opbrengsten resulteren juist in rustieke wijnen met een overdaad aan onaangenaam droge tannine.
Blootstelling aan zuurstof en opvoeding op barriques (eiken vaten van 225 liter) helpen de tannines ban de tannat te temmen en te verzachten, terwijl ook wel eens wat cabernet sauvignon of merlot bijgemengd wordt. Ook zonder die aanvulling doen de beste wijnen van tannat met hun zwarte fruit en stevige structuur denken aan Bordeauxwijnen met veel cabernet.
Evenals serieuze Bordeaux zijn ze gebaat bij flesrijping en kunnen ze zich vele jaren uitstekend ontwikkelen.



