Klik op de foto's voor een vergroting.
Wijnspraak
Over de polderlandse wijnspraak ben ik net zo min te spreken als menige buitenlandse collega. Zij zitten er ook maar mee. Niemand heeft nog de creativiteit van een heuse innovator opgebracht. Hier en daar maken probeerders wat manke vergelijkingen tussen de wijnsmaak en hun geregelde hallucinaties over natuur en ‘bevallige’ vrouwen. Daar rolt dan taal uit, die mij en vele anderen, eerder van zo’n fles vandaan houden, dan dat we geneigd zijn hem in te laden. Dat de huidige wijnspraak sleets, oubollig en (te) ingewikkeld is, met uitschieters naar ontsporende po
Niet wijzer
Over de wenselijkheid van verse wijnspraak hebben we het al vaker gehad. En wij zijn niet de enigen. Ook een collega van de New York Times kwam kortelings met zo’n boodschap. Eric Asimov zei in zijn rubriek Dining & Wine dat hij van al die uitvoerige wijnbeschrijvingen niet veel wijzer wordt. “The more specific the descriptions of a wine, the less useful information is actually transmitted’. Toegegeven: een uitdagend standpunt, maar niet ver bezijden de waarheid. Vergelijk maar eens twee beschrijvingen van dezelfde wijn. Wat de een naar bramen en witte peper vindt smaken, ervaart de ander als zwarte kersen en eucalyptus. Waarom moeten die wijnexperts zich uitleven in exactheden waarmee niemand iets kan? Gefixeerd zijn op precisie hoort eerder bij een dwangneurose. Daar komt nog eens bij dat wijngeuren zich niet eeuwig laten kennen. Doorgaans zijn ze na zo’n kwartier in het glas van karakter veranderd of verdwenen. Bij nogal wat wijnen gebeurt dan zelfs nog eerder. De mate van luchttoevoer per karaf, de temperatuur en de ruimte in het glas bepalen in hoofdzaak hoe de wijn zich presenteert. En dat kan per situatie verschillen. Dus waarom maken we het ons niet gemakkelijker? Minder gedetailleerd beschrijven. Meer in algemene termen. Smaakt wijn zoet of fris? En als hij zoet is, hebben we het dan over klef of niet?
Maak je zo’n onderscheid, dan geeft dat al voldoende duidelijkheid over het type wijn waarmee we te maken hebben. Meer nog dan allerlei fijnkorrelige bijzonderheden. In die termen schuilt ook weinig misverstand als we daarmee een persoonlijke voorkeur willen uitdrukken. Onder vino- en wijnologen zou die benadering best een hersenbeving teweeg kunnen brengen. Want die hebben zich laten ‘scholen’ in een nadrukkelijke aandacht voor uitvoerige,‘olfactief’ gerichte wijnomschrijvingen. Die zelfs tot aan paarse reflexen, pruimedanten,nat hondenhaar en kattepis gaan.
Zoetimpressie
Zoet is voor menige aan eigenwaan lijdende wijnproever een alarmerende wijnkwalificatie. Maar wie het woord gebruikt om wijn in hoofdlijnen te categoriseren, kan ook denken aan zoetimpressie. Die heeft dan niet te maken met restsuiker, maar met fruit, glycerine-concentraties uit de gisting of alcoho-lpercentages. Zinfandel is gewoonlijk droog, maar met intensief fruit kan hij een zoete indruk wekken. En denk eens aan bepaalde Ch




