Please update your Flash Player to view content.
Klik op de foto's voor een vergroting.
Treurnis-prijs
Hij bestaat nog niet. De treurnis-prijs voor wijncolumnisten. Maar die moet vanaf nu maar worden ingesteld. Want wat ik dit weekeinde aan onfris gezever in een wijncolumn heb gelezen, slaat alles wat ik tot nog toe aan dieptepunten heb moeten registreren. Wie onwelriekende toiletten als aanloop nodig heeft om tenslotte de wijnen van Douwe Wallinga te bespreken, slaat onmiskenbaar een plé-figuur. In de deftige coterieën van polderland wordt het woord toilet of de afkorting wc beschouwd als taal van het ‘gemene’ volk, waarvan iedereen gruwt met maar een greintje blauw bloed. In die kringen ga je niet ‘naar een zekere plaats’ maar naar de ‘plé’. Hoe zo’n ‘educator’ als Nicolaas Klei in het Algemeen Dagblad er dan bij komt om de helft van z’n wekelijkse ‘column’ aan besmeurde en met zeepsop schoongemaakte ‘toiletten’ te besteden om vanuit het 'sekreet' over te stappen naar de wijnen van Douwe, kan ik niet anders verklaren dan uit een moleculaire shock in de hippocampus van deze scribent.Wanneer de fantasie je als gevolg van veelschrijverij in de steek laat en je in feite niet wenst toe te geven dat je slachtoffer bent geworden van je eigen ‘writers block’’ is er nog maar één uitweg: onzin verkopen alsof het aan talent is ontsproten. Dat je in vroeger dagen nog wel eens kwam aanwaaien, maar waarop je al zolang teert, dat zelfs de half-alfabeten het doorkrijgen. Hoe kun je het uit je toetsenbord rammen, dacht ik toen ik in die krant las met wat voor bijna fotografische precisie de massaschuwe Klei de situaties beschreef waarin ongereinigde en schone toiletten zich kunnen bevinden. Het vermogen om zich in te leven in het weinig enerverende bestaan van de toiletjuffrouw is bij deze excrementen-specialist kennelijk sterker ontwikkeld dan de goede smaak, waaraan het ‘betere’ sociale leven van vandaag zijn coherentie ontleent. En niemand bij die krant die daar een halt aan toeroept. Moet kunnen, dat je vanuit de WC-pot redeneert om een wijntje te pluggen. Mooie reclame voor Douwe trouwens, die nog liever een ondersteek als pleitbezorger zou hebben dan ons aller plastisch gedreven Nicolaas.
Iedereen zij z’n stijl van schrijven en schriftelijk argumenteren gegund. En de een bereikt daarin meer dan de ander. Maar iemand een wijn aanbevelen vanuit een plé, waarin na de schoonmaak niet zoveel zeepsop mag achterblijven dat de proevers daaraan een voorgeschiedenis gaan verbinden, lijkt mij voort te komen uit een bijna verknipte geest met autistische trekken. Wie dat zo geniaal vindt dat hij daarom een paar dozen van Douwe laat bezorgen, moet-denk ik- met de schrijver maanden in therapie.



