Wie had dat ooit verwacht. Twee vooraanstaande Duitse wijnboeren willen de wansmaak van Germaanse wijndrinkers om zeep helpen. Ze dalen met hun kartons af naar de Aldi om het koopvolk daar op een hoger plan te brengen. De heren gaan nog niet zover als ooit een polderlandse wijnelier, die bij een wijnevenement alles van tafel veegde, daar eigen flessen neerzette en vervolgens riep: “Dit is pas echte wijn”. Maar ze zijn wel bezield met het bekeringsvuur. Want een armzalige EUR 2,36 gemiddeld per fles vinden ze wel de ‘limit’
Heropvoeden
Fritz Keller uit Baden en Raimond Prüm uit Rijnland-Pfalz gaan Duitse wijnconsumenten daarom heropvoeden. Voorlopig in midden- en zuid-Duitsland. Want voor landsbrede of grensoverschrijdende leveranties zitten ze niet stevig genoeg in hun ‘kwantiteiten’. Op de duur denken ze dat nadeel op te heffen met de hulp van zo’n duizend wijnboeren. Die hebben met het samenwerkende duo intussen een samenwerkingscontract afgesloten. Ze moeten straks druiven leveren voor de coupages die de prijsvechter dan bij wijze van proef in het assortiment opneemt. Aan de Duitse smaak valt nog wel wat te renoveren, vinden de reddende wijnpedagogen. Daarom na het zure tijdperk van opgepept sap nu het zoet van een heuse wijn. De prijsvechter zelf ziet het anders. Want als die ‘kwaliteitsleveranciers’ het gelijk voor 100% aan hun kant zouden hebben, zou de halve Bondsrepubliek niet bij die supermarkten kopen. Als keten hebben die de grootste wijnomzet van het land. En het zou wel een uiterst barre belediging zijn dat resultaat louter en alleen aan de afwezigheid van vineus onderscheidingsvermogen toe te schrijven. Aldi verkoopt ook buiten het moederland andere dan Duitse wijnen. Maar als die in de belevingswereld van de klant stevig geprijsd zijn, lopen ze niet hard. Laatst kwam ik in een Brabants filiaal een niet onaardige Bordeaux voor rond een eurotientje tegen. De flessen stonden trouwens te devalueren, want recht overeind en overgoten met het onuitroeibare neon van het huis. En na een week was er aan dat stilleven, ook getalsmatig, nog niets veranderd.
Dubbeltjes
In Duitsland wijkt het koopgedrag niet schrikwekkend van het Nederlandse af. Kunnen ‘Weinverbraucher’ daar met een fles van EUR 2,50 leven, dan geven ze gewoonweg niet meer uit. Ze realiseren zich amper hoeveel ‘wijn’ ze tegen zo’n bedrag eigenlijk in huis halen. Wie alleen al de kosten voor een fatsoenlijke fles, de sluiting, het etiket, het transport en de reclame bij elkaar telt, houdt voor ‘wijn’ niet meer dan een paar eurodubbeltjes over. Vlooiers hebben er exactere cijfers over, maar royaal is anders. En wat daar aan vocht voor te krijgen valt, laat zich raden. De pulpigste bulk, al of niet bereid met spul uit de trukendoos van de wijnmakerij. Aromatisch gistje, theezakje snippers, tannine uit de strooibus, niets is onmogelijk. Kennelijk deert dat de vaste klanten niet. Voor dat geld deugt die wijn, hoor je gediplomeerde meukologen geregeld zeggen.
Illusiesap
In ons land wijkt het beeld weinig van het Duitse af. Kratten ‘prijsvriendelijke’ rozee, maar ook rood en wit, hebben tegen ‘weggeefprijzen’ visite-avondjes, barbecues en diplomafeestjes besprenkeld met ‘illusiesap’. Zo omschreef een bekeerde slobberaar het dezer dagen tenminste in een ingezonden brief. Zou de inzet van ‘betere’ en in dit geval dus ook duurdere Duitse wijnen (EUR 5 tot 6) daartegen als ultiem middel iets uithalen? Dat waag ik te betwijfelen. Ook in ‘gewone’ supermarkten stijgt ( rapportage A.C. Nielsen) het gemiddelde bestedingsbedrag per fles niet uitbundig sinds er ‘betere’ wijnen in de schappen liggen. De Duitse ‘Classic’, remedie tegen alles wat voorheen in de zoete golf verdronk, is daar na een jaar of vijf pluggen nog niet echt doorgebroken, al blijft die gemiddeld rond de EUR 7,50. Voor in prijs concurrerende Zuid Amerikanen of Spanjolen staat de supermarktklant eerder op de stoep. En dat is bij de oosterburen al niet anders. Drink minder maar beter is een advies waarvan lang niet elke wijnconsument is gediend. Prijsvechters trouwens ook niet altijd, omdat ze de grootste omzet nog steeds uit het goedkoopste segment halen. En dus verwacht ik dat beide bekeerders nog lang moeten wachten voordat de Duitsers zich op dik tweemaal zo dure flessen van eigen bodem gaan storten, aangenomen dat de inhoud dan aansluit bij de smaakveranderingen van de laatste tijd.
Wijndominees
De chiquere wijnwereld vindt die prijsboksers maar niks. Die weigert zelfs in panels hun discountwijnen te proeven. En nog dit jaar gaf een wijnschrijver(t) zelfs af op het verschijnsel dat een ‘zichzelf respecterend’ promotiebureau een (nota bene) Frans wijnevenement door Aldi liet sponsoren. De discountklant met een gelimiteerd budget trekt zich daar weinig van aan. Hij luistert niet eens naar wijndominees die met hun elitair gepreek nog maar nauwelijks 25 % van de ‘beter’ geïnformeerde wijnconsumenten inspireren. Master of Wine Jancis Robinson leerde de opperkaste daarbinnen laatst nog een lesje: wie als prof langdurig zure wijnen heeft geproefd, is op de(n) duur geneigd te denken dat dit de norm is’. Mag die andere 75 % het dan beter weten, al wordt dat dan voor een aangezoet standpunt versleten?