Als iemand in polderland wijnstokken heeft aangeplant, noemen ze hem ‘wijngaardenier’. Een verouderde term, zegt de Dikke van Dale, die je ook mag vervangen door ‘hovenier’. We hebben er een handvol van. En ze roeren zich periodiek alsof het odium antiek niet op hun verzamelnaam van toepassing is.
Slappe druiven
Zo ook weer afgelopen zomer. Toen maakte Brussel bekend dat het nou maar eens afgelopen moet zijn met het aansuikeren van wijn. Er dreigt een ‘chaptaliseerverbod’. En dat vinden onze gaardeniers de doodsteek voor hun handel. Want in noordelijke streken als de onze bedeelt de natuur je maar zelden met de weelde van een stabiel rijpingsklimaat. En dan zit je met slappe druiven, die te weinig suiker aanmaken om de wijn een genietbare alcoholstructuur te geven. Dus balden de gaardeniers eendrachtig de vuist. Weliswaar is een teveel aan alcohol wereldwijd actueler dan een tekort, maar ze moeten in Brussel nou niet denken dat we hier zomaar alles ‘pikken’.
Mogelijkheden
Bij de Europese Unie heeft dat allerminst tot paniek geleid. Geen versterkte bewaking voor het gebouw om boerencocktails uit de buurt van de ramen te houden. Landbouwcommissaris Marianne Fischer-Boel houdt zich evenmin schuil in de catacomben van de gezagsbunker om betere tijden af te wachten. Omdat ze, voor de niet al te misdeelde verstaander, de polderlandse wijnbouw voldoende ruimte heeft gelaten. Ten eerste kan als wapen de ‘lobby’ worden ingezet. Aanbod: wij leveren geen meuk meer als zij de concurrentie buiten houdt. Vervolgens moeten we er de stukken nog eens in de correcte vertaling op nalezen. Want de gebruikte verbodsterminologie is niet van die(n) aard dat onze wijnheren er beter mee zouden kunnen stoppen. Het schrappen van ‘chaptalisatie’ betekent namelijk niet automatisch dat er in de zoete sfeer niets meer zou mogen.
Zoetsystemen
Voor de duidelijkheid: chaptaliseren of verbeteren is een aansuikeringsproces. Genoemd naar Jean-Antoine Chaptal, destijds onder Napoleon minister van Binnenlandse Zaken. Hij bevorderde het toevoegen van biet- of rietsuiker aan het (nog) niet vergiste druivensap: de most. Doel: hoger alcoholpercentage. Per liter most is 17 gram suiker nodig om 1 % alcohol te winnen. Een andere methode is wijn mengen met mostconcentraat, gemaakt van gekneusde druiven. Daar zit eveneens een technisch proces aan vast. Maar het uiteindelijke resultaat is hetzelfde. De Europese Unie is niet van plan deze methode te verbieden. Een derde mogelijkheid om meer zoet op te wekken is het onttrekken van water aan het onvergiste sap, door middel van een membraanpomp, bekend als ‘omgekeerde osmose’. Dit systeem is in de ogen van Brussel illegaal. En dat is een opvatting die Amerikanen op hun beurt weer belachelijk vinden.
Verschuivingen
Voor polderland is de wijnbouw dus nog lang geen verloren zaak. Daar komt nog bij dat er sprake is van klimaatverandering. De indruk bestaat dat er zones opschuiven. Voor ons in de goede richting. En daarmee zou aansuikeren wel eens overbodig kunnen worden. De wijngaardeniers hebben dus wat aan de vroege kant geroepen dat Brussel erop uit is hun bestaan om zeep te helpen. In Frankrijk liggen de zaken iets genuanceerder. Daar is niet in alle wijnregio’s hetzelfde toegestaan. Hier en daar zijn ze zelfs nog roomser dan de paus, omdat in die gebieden verboden is wat van Brussel nou juist weer mag. Andere wijnstreken smokkelen er met slim zoet weer lustig op los. Niemand die het na een paar etmalen nog kan vaststellen. Trouwens: ook in dit opzicht mogen de Galliërs wel eens betere controles gaan doorvoeren.
Speculaties
Intussen hebben de Fransen de Europese Unie wel duidelijk gemaakt dat het chaptalisatieverbod ook daar niet zonder slag of stoot zal worden aanvaard. Of er dit jaar al slaande ruzie van komt als de oogst door slecht weer te onrijp zou uitvallen, staat nog te bezien. Er zijn al wat speculaties over. Maar om 2007 nou al de geschiedenis in te sturen als bijna het evenbeeld van het beroerde 1997, dat gaat mij nog wat ver.