Klik op de foto's voor een vergroting.
Wijntour 2008 door Toscane (deel 1)
Brunello’s vrouwelijke hand
Wijnjournalist John Bindels reisde met een groep leden van de FIJEV, internationale wijnschrijvers- en wijnjournalistenorganisatie, naar Toscane. Bedoeling: kennismaken met kleinere, maar kwalitatieve wijnbedrijven die ( vanaf 82 punten) de finale van de ‘Selection of Toscan Wine Awards’ 2008 hebben gehaald. Algehele indruk: een aantal van deze vaak nog onbekende wijnen bereiken een indrukwekkend kwaliteitsniveau, tegen betaalbare prijzen. In de toekomst wordt de jury internationaler van samenstelling.
Het laatste loof zie ik aan berijpte draden treuren in de winterzon. Het gele blad van de Brunello, die hier wettelijk geen indringers duldt. Ook al wordt er af en toe ‘per ongeluk’ een ander druivenras tussen gesmokkeld. Een wijntoer naar Toscane is voor mij niet compleet als we de Montalcino overslaan. Je bent ook niet in het Rijksmuseum geweest als je de eerder beschadigde Nachtwacht van Rembrandt niet hebt gezien. En geen proever zal ooit uitgelaten melden dat hij ‘terug’ is uit het Sangiovese-paradijs waar hij de rest van zijn wijndagen zonder bezwaar had willen slijten. Een vineus Luilekkerland waar wijngaarden uitsluitend van eigenaar veranderen als er meer dan 3,5 euroton per hectare voor wordt neergeteld.
Verschillen
Montalcino, breed uitgewaaierde wijnregio. Met in het noorden, waar tijdens deze toer de wollen trui een onmisbaar attribuut was, een kouder klimaat dan in het zuiden. En dat vertaalt zich naar een terroir-gevoelige druif als de Sangiovese (hier bekend onder de dichterlijke naam Prugnolo Gentile) in expressieverschillen. Die aan zee krachtige en alcoholrijke wijnen geven. En in het noorden niet zelden dunnere wijnen met agressief zuur. De doorgaans droge afdronk van de Brunello maakt hem niet overal tot de meest geliefde Toscaanse sangiovese. Zelf heb ik in de Maremma bijna volmaakte geproefd van microklimaten die in de Montalcino amper worden aangetroffen. Alle eigenschappen die maar in wijntaal zijn uit te drukken zitten van noord tot zuid in de sangiovese. Maar er is ook een onvermijdelijke overeenkomst: fruit.Alleen vrouwen
Wijnhuis Prime Donne werkt uitsluitend met een vrouwelijke bezetting, zoals dochter des huizes en bedrijfsleidster bezoekende journalisten lieten ervaren.
We zijn op weg naar Casate Prime Donne. Wijngoed van 18 hectare in de noordelijke Montalcino. Dat in ons land een vrijwel gelijknamig dorp kent: het Brabantse Bergeyk. Waar vrouwen op hun manier hebben wraak genomen op de macho-wijncultuur. Die liet het rondom Siena tien jaar geleden nog niet toe dat vrouwen keldermeester werden. Prime Donne werkt uitsluitend met personeel van het vrouwelijk geslacht. Oppergodin over een wijn- en recreatierijk van dik veertig hectare is Donatella Cinelli Colombini. Haar 24-jarige dochter laat ze alvast oefenen in de ‘presentatie’. We zijn in een wijnhuis dat in 1998 tevergeefs op zoek was naar een man als keldermeester. Die waren allemaal al bezet. Dus restte Donatella niets anders dan een vrouw aan te stellen. In die dagen onder wijnheren gezien als een zwaktebod. Een paar jaar later waren de vooroordelen verdwenen. En sinds die tijd laat Donatella geen Brunello-oogst meer rijpen of vier bekende wijnvrouwen van internationale reputatie adviseren haar de methode.
Meer lucht
Casata Prime Donne is in meer dan een opzicht een buitenbeentje. Zo staan de inox-gisttanks er niet binnen maar buiten om het proces ‘meer lucht’ te geven. Het gevolg: zachte wijnen met veel fruit. En zonder die onbarmhartige bitterheid die alleen voor de aanbidders van dominante tannines genietbaar schijnt. Prime Donne werkt straks ook met eigen gist, waarvoor de cellen op eigen planten het moederschap opeisen. De bedoeling daarvan is de Brunello’s straks een volstrekt eigen geboortesmaak mee te geven. Zonder ook maar enige aromatische invloed van buiten het erf. Een eerste slok van de couveusewijn 2008, vergist maar nog ongerijpt sap, belooft al veel. Zij het dat er over de ontwikkeling nog niets zinnigs te zeggen valt . Dat kan pas over vijf jaar, als de wijn de markt op mag. Dan zou er, met vroegere jaargangen als voorbeeld, een ronde, rijpe wijn in het glas moeten komen. Met mooi versmolten looizuur. Kruidig en bessig. Traditioneel gemaakt. Dus opgevoed op grote vaten van Slavonisch eiken. Foeders met een inhoud van 15 tot 30 hectoliter, die het vergiste sap wettelijk 30 maanden gastvrijheid bieden. Harmonische wijn, puike begeleider van gegrild vlees of rijpe kaas. Zo’n 10 tot wel 20 jaar houdbaar. Mooiste geproefde wijn: Brunello 2004, die aan al deze eigenschappen voldeed. Naast de traditionele Brunello kent de Montalcino ook de wijn- nieuwe-stijl. Daar komt voor twee jaar de barrique aan te pas. Nooit voor 100 % nieuw eikenhout, want dan zou de consument voor een overdosis tannine kunnen capituleren.Grafdelvers
Montalcino heeft van huis uit geen wijncultuur, maar vluchtte daarin, nadat oorlogen de oorspronkelijke werkgelegenheid om zeep hadden gebracht.
Bij Prime Donne is de vatenkelder opgevrolijkt met fresco’s. Die verhalen de geschiedenis van het dorp Montalcino dat ooit van leer en keramiek moest bestaan. Om te overleven is het later uitgeweken naar wijnbouw, zonder daarin ooit een ‘cultureel’ verleden te hebben opgebouwd. Montalcino heeft heel wat geweld moeten doorstaan. Eerst werd het een twistappel in de strijd tussen Siena en Toscane. En later werd het belegerd door de Spanjolen. In die periode kregen de bewoners als bijnaam: Beccamorti, oftewel: grafdelvers.
Gedeclasseerd
De schandaalverhalen over de Brunello heeft Prime Donne uit de media vernomen. Geen enkel wijnhuis in dit deel van de Montalcino is er dit jaar bij betrokken geweest. Elders raakten de nog ongebottelde voorraden van o.m. Banfi, Antinori en Frescobaldi onder beslag. Omdat de wijnrechtbank in Siena vermoedde dat de Brunello van deze huizen ook merlot bevatte. En dat is verboden in de hoogste classificatiecategorie DOCG. In het zuidelijk deel van de regio haastten de wijnedelen zich deze mostvervuiling in allerlei toonaarden te ontkennen. Totdat journalisten met vers nieuws kwamen. Een deel van de besmet geachte productie werd met toestemming van de officier van justitie gedeclasseerd verkocht als streekwijn: IGT. Uiteindelijk gaf onder meer Castello Banfi toe dat er wel degelijk iets aan de hand was geweest, al zou het ‘slechts om geringe hoeveelheden’ zijn gegaan. Maar ja. Italië zou Italië niet zijn als er ook aan de wijnwereld daar niet af en toe een luchtje zou zitten.



